Provinciebestuur beantwoordt vragen over BiovalueDatum: 31-01-2012 Ook rondom de verkoop en het faillissement van Delta’s activiteiten met Biovalue zijn voor onze fractie de nodige onduidelijkheden. Delta heeft in april 2010 de aandeelhouders geïnformeerd over de boekhoudkundige afwaardering van Biovalue, het ging om een bedrag van 45 miljoen euro. Zij heeft ons verzekerd dat deze fabriek niet meer rendabel was (te krijgen). Delta zocht een koper, maar slaagde niet in verkoop en heeft faillissement aangevraagd. Voor het personeel zou goed gezorgd worden. De voorzieningenrechter besloot in augustus 2011 dat Delta alsnog moet dooronderhandelen over een sociaal plan voor de oud-werknemers. Er zijn klaarblijkelijk voor Delta nog verplichtingen jegens het personeel, ook nog na datum faillissement. Wij hebben vernomen dat er alsnog sprake is van een op handen zijnde verkoop aan een Aziatische partij die in tegenstelling tot Delta wel ‘brood ziet’ in de productie van biodiesel.
Vragen aan het College van Gedeputeerde Staten: 1. Kan GS ons alsnog beknopt informeren (in bijv. een feitenrelaas) over de toedracht met betrekking tot het faillissement van Biovalue?
Antwoord: - Met het loslaten van de Europese bijmengverplichting in 2009 viel de vraag naar biodiesel fors terug en kwam de businesscase achter Biovalue (en soortgelijke bedrijven) op losse schroeven te staan. - In het licht van deze structurele verslechtering van de marktomstandig-heden was het niet verantwoord de bedrijfsactiviteiten binnen Biovalue te continueren. Begin 2010 besloot DELTA daarom de mogelijkheden van verkoop te onderzoeken, en indien dit niet mogelijk zou blijken, uiteindelijk tot bedrijfsbeëin-diging over te gaan. Vooruitlopend op de voorgenomen verkoop heeft DELTA een eenmalige non-cash-afschrijving ter hoogte van 45 miljoen euro ten laste van het resultaat over 2009 genomen. - In april 2010 startte een zeer brede marktconsultatie (ca. 50 partijen). Desondanks moest DELTA eind juni concluderen dat geen van de partijen afdoende garanties (personeel, financieel) kon bieden om tot daadwerkelijke verkoop te komen. Ook heeft DELTA voor een verkoop / doorstart van Biovalue geen ondersteuning gekregen vanuit de plaatselijke regionale overheid. Daarom besloot DELTA begin juli de fabriek te sluiten en een sloopvergunning aan te vragen. - In augustus 2010 onderhandelden Biovalue en FNV over een sociaal plan. Daarbij zou Biovalue haar medewerkers helpen naar ander werk en een financiële vergoeding betalen. De leden van FNV wezen dat concept af. FNV drong aan op een overname van de fabriek in plaats van sluiting. DELTA is daarop opnieuw over-namebesprekingen aangegaan, ditmaal exclusief met één partij die door de FNV was aangedragen. Al die tijd lag de fabriek stil en zaten de medewerkers thuis. Zij ontvingen in die periode nog wel hun salaris en ploegentoeslagen. - Toen bleek dat ook met deze overname-kandidaat geen overeenstemming kon worden bereikt, maar de onderhandelings-partij het exclusiviteitsbeding niet wilde loslaten, was het voor DELTA niet langer economisch verantwoord de fabriek door te blijven financieren. Daarna heeft Biovalue in december 2010 haar faillissement aan-gevraagd. Van een sociaal plan vanuit Biovalue kon toen vanuit juridisch oogpunt geen sprake meer zijn. De uitspraak van de voorzieningenrechter van de rechtbank in Middelburg op 18 augustus jl. bracht hierin verandering. De rechter bepaalde dat DELTA moest door onderhandelen over een sociaal plan. Op 6 september 2011 zijn DELTA en FNV bondgenoten een sociaal plan overeen-gekomen dat van toepassing is op alle 27 ex-medewerkers van Biovalue. Dit is inmiddels uitgevoerd. Het faillissement is (ruim een jaar na dato) nog altijd onder handen van de curator. Daarnaast is sprake van een vermeende claim van een aantal Oekraïense boeren op DELTA, waarvan, zo leert navraag, DELTA meent dat daarvoor iedere rechtsgrond ontbreekt. Van een eventuele verkoop is ons niets bekend. Wereldwijd is de productie van biodiesel in 2011 voor het eerst in de historie gedaald en wel met ruim 10% (bron Financial Times 9.1.2012) hetgeen de verkoopbaarheid niet ten goede komt.
2. Is bij benadering aan te geven wat de totale kosten en de verliezen zijn geweest voor Delta inzake Biovalue?
Antwoord: Deze bedragen circa € 85 miljoen en zijn ten laste van de boekjaren 2009 en 2010 genomen. Dit is inclusief de kosten van bovengenoemd sociaal plan.
3. Zijn de gevolgen van de verkoop (met betrekking tot de personele zaken) aan te geven voor het personeel en voor Delta?
Antwoord: De voornaamste gevolgen van de sluiting hadden betrekking op het sociaal plan dat is uitgevoerd, en op de afboeking die op de boekjaren 2009 en 2010 is genomen. Voor DELTA en personeel is daarmee de zaak afgehandeld. Wat resteert is de boedel. Een eventuele verkoopopbrengst zal ten goede komen aan de schuldeisers. DELTA is slechts één hiervan.
4. Kan GS ons informeren over de verkoopopbrengst zodra deze bekend is? De curator zal dit waarschijnlijk melden in het te publiceren verslag.
Antwoord: Momenteel is de afhandeling van het faillissement nog onder handen van de curator; deze doet begrijpelijkerwijs geen mededelingen over de voortgang. Zodra wij van de afhandeling hiervan in kennis worden gesteld, zullen wij u hierover informeren. Terug naar het overzicht |